
Pandhuiswet 1910
Artikel 23
1
De panden worden door den houder van de bank tegen brand- en diefstalschade verzekerd.
2
Indien Burgemeester en Wethouders de verzekering of het verzekerde bedrag onvoldoende achten, geven zij daarvan met redenen omkleed schriftelijk kennis aan den houder van de bank van leening, die binnen een maand aan de gerezen bezwaren tegemoet komt.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.